Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
6.De beslissing
1 september 2024 pro forma;
Rechtbank Rotterdam
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank Rotterdam om een ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen voor de duur van twaalf maanden vanwege zorgen over verwaarlozing, conflicten tussen ouders en mogelijke kindermishandeling. De moeder ontkende mishandeling, maar er waren ook zorgen over haar gebruik van softdrugs en alcohol en onvoldoende inzet in het vrijwillig kader.
Tijdens de zitting waren de ouders, hun advocaat, een vertegenwoordiger van de Raad en de gecertificeerde instelling aanwezig. De moeder gaf aan open te staan voor hulpverlening en had een nieuwe gezinsondersteuner aangevraagd. De vader ontkende dat hij zijn rol als opvoeder niet zou vervullen.
De kinderrechter concludeerde dat er weliswaar zorgen zijn over de thuissituatie en emotionele beschikbaarheid van de moeder, maar dat onvoldoende is aangetoond dat er sprake is van een ernstige ontwikkelingsbedreiging. De ouders tonen bereidheid tot verbetering en hulpverlening. Daarom werd het verzoek tot ondertoezichtstelling aangehouden tot 1 september 2024, met het verzoek aan de Raad om uiterlijk twee weken daarvoor een rapportage te overleggen.
Uitkomst: Verzoek ondertoezichtstelling aangehouden tot 1 september 2024 met rapportageverplichting.