Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 22 juni 2024, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlage;
- de repliek, met bijlagen;
- de dupliek.
Rechtbank Rotterdam
De huurder huurt sinds maart 2015 een woning van Stichting Havensteder en heeft een huurachterstand van €235,76 over oktober 2023. Havensteder vordert betaling van deze achterstand inclusief incassokosten en rente.
De huurder betwist de vordering en stelt dat de woning in oktober 2023 gebreken vertoonde waardoor deze niet bewoonbaar was, waardoor zij geen huur verschuldigd zou zijn. De kantonrechter oordeelt dat de huurder onvoldoende heeft onderbouwd dat de woning onbewoonbaar was en dat het woongenot daadwerkelijk was aangetast.
De vordering tot betaling van de huurachterstand, incassokosten en rente wordt toegewezen. Ook worden de proceskosten aan de huurder opgelegd. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard, zodat Havensteder direct kan incasseren.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de huurachterstand over oktober 2023 inclusief incassokosten, rente en proceskosten.