De rechtbank Rotterdam heeft op 30 oktober 2024 het verzoek van [naam 1] toegewezen om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) vanwege zijn problematische schuldensituatie. Hoewel enkele schulden niet te goeder trouw zijn ontstaan, heeft de rechtbank op grond van de hardheidsclausule geoordeeld dat [naam 1] de omstandigheden die tot deze schulden hebben geleid onder controle heeft gekregen. Hij heeft zijn onderneming beëindigd, staat onder budgetbeheer en toont een serieuze saneringsgezinde houding.
De rechtbank heeft een bewindvoerder en rechter-commissaris benoemd die toezicht houden op de naleving van de WSNP-verplichtingen, waaronder de afdracht- en inspanningsverplichtingen. De WSNP duurt in principe achttien maanden, ingaande op de datum van het vonnis. [naam 1] verzocht om een eerdere ingangsdatum op 29 februari 2024, acht maanden voor het vonnis.
Na beoordeling van de afdracht- en inspanningsverplichtingen heeft de rechtbank vastgesteld dat [naam 1] vanaf 23 juli 2024 aan deze verplichtingen voldoet. Daarom is de ingangsdatum vastgesteld op 30 juli 2024, drie maanden eerder dan het vonnis. De regeling eindigt op 30 januari 2026. De rechtbank heeft tevens een postblokkade ingesteld voor de eerste dertien maanden en een voorschot op de vergoeding van de bewindvoerder toegestaan.
Tegen deze uitspraak kan binnen acht dagen hoger beroep worden ingesteld door een bevoegde partij via een advocaat bij het gerechtshof.