Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 24 oktober 2023, met bijlagen;
- de aantekeningen van het mondelinge antwoord;
- de akte van de Woningbouwvereniging van 5 januari 2024, met bijlagen.
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een huurovereenkomst van een woning te Hoek van Holland, waarbij de huurder een huurachterstand van €2.990,41 heeft opgebouwd. De Woningbouwvereniging vordert ontbinding van de huurovereenkomst, ontruiming van de woning en betaling van de achterstand met rente en incassokosten.
De huurder betwist de hoogte van de achterstand en stelt dat zij altijd de huur betaalt, ondanks boetes bij te late betaling. De kantonrechter oordeelt dat de huurder vanaf medio 2017 vrijwel altijd te laat betaalde en dat de huurachterstand inmiddels overeenkomt met ruim vijf maanden huur, wat ontbinding rechtvaardigt.
De kantonrechter wijst de vorderingen grotendeels toe, inclusief incassokosten en wettelijke rente. De huurder moet binnen veertien dagen de woning ontruimen en vanaf maart 2024 een gebruiksvergoeding betalen tot de ontruiming. Tijdens de mondelinge behandeling is een mogelijke betalingsregeling besproken, waarbij uitvoering van het vonnis wordt opgeschort indien de huurder uiterlijk 1 maart 2024 een acceptabel voorstel doet en nakomt.
De huurder wordt tevens veroordeeld in de proceskosten van €1.211,85. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De huurovereenkomst wordt ontbonden en de huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van huurachterstand, incassokosten, rente en proceskosten.