Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
[naam verzoeker] , verzoeker,
Procedure
Inhoud verzoeken
Standpunt officier van justitie
Feiten
Beoordeling
Beslissing
RECHTBANK ROTTERDAM
AFSTANDSVERKLARING van gemachtigd raadsman/vrouw
beschikking(en) aan verzoeker;
Rechtbank Rotterdam
De rechtbank Rotterdam behandelde op 11 oktober 2024 verzoeken van een verdachte tot vergoeding van schade en kosten op grond van artikelen 533 en 530 van het Wetboek van Strafvordering. De verzoeker had drie dagen in verzekering doorgebracht nadat een vuurwapen in zijn broeksband was aangetroffen tijdens zijn opname in het ziekenhuis, waar hij lag als gevolg van een schietincident waarbij hij zelf slachtoffer was.
De officier van justitie stelde dat het vuurwapen echt en functionerend was en dat het bezit daarvan aan de verzoeker te wijten was. Het sepot was een beleidssepot vanwege de gezondheidstoestand van de verzoeker. De rechtbank oordeelde dat de inverzekeringstelling grotendeels aan de verzoeker zelf te wijten was en dat hij geen schade had geleden doordat hij tijdens de gehele periode in het ziekenhuis verbleef, onafhankelijk van de inverzekeringstelling.
Daarom ontbraken gronden van billijkheid voor vergoeding van zowel de immateriële schade als de kosten van rechtsbijstand. De verzoeken werden dan ook afgewezen. Tegen deze beslissing staat hoger beroep open binnen een maand na betekening.
Uitkomst: Verzoeken tot vergoeding van schade en kosten na inverzekeringstelling worden afgewezen wegens ontbreken van gronden van billijkheid.