Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 29 februari 2024, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlage.
Rechtbank Rotterdam
De huurder huurt sinds augustus 2022 een sociale huurwoning van Stichting Hef Wonen. Hef Wonen vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming omdat de huurder de woning niet als hoofdverblijf gebruikt en een huurachterstand heeft opgebouwd.
De rechtbank stelt vast dat de huurder niet voldoet aan de hoofdverblijfverplichting. Diverse huisbezoeken en meldingen van de gemeente tonen aan dat de woning nauwelijks bewoond wordt door de huurder zelf. De huurder heeft onvoldoende concrete feiten aangevoerd om dit te betwisten. Daarnaast is er een aanzienlijke huurachterstand, die niet adequaat is onderbouwd door de huurder.
Gezien het zwaarwegende belang van Hef Wonen om de woning aan anderen te kunnen verhuren, wordt de huurovereenkomst ontbonden. De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen veertien dagen na betekening van het vonnis en tot betaling van de huurachterstand, de gebruiksvergoeding vanaf september 2024 tot ontruiming, en de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Huurovereenkomst ontbonden wegens ontbreken hoofdverblijf en huurachterstand; huurder veroordeeld tot ontruiming en betaling van achterstallige huur en kosten.