Daen Detachering B.V. heeft een geldlening verstrekt aan de gedaagde voor de aanschaf van een auto, terugbetaling zou plaatsvinden via inhoudingen op salaris en vakantiegeld. Door een arbeidsgeschil stopten de inhoudingen voortijdig, waarna Daen betaling van het restant van de lening vorderde.
De gedaagde erkent de lening maar betwist de opeisbaarheid en voert eigen schuld en verrekening met achterstallig loon aan. Daarnaast vordert hij loonbetaling van Daen, stellende dat Daen als feitelijk werkgever moet worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelt dat de lening opeisbaar is omdat de afgesproken inhoudingen zijn gestopt, dat eigen schuld van Daen niet is bewezen en dat verrekening niet eenvoudig kan worden vastgesteld. De loonvordering wordt afgewezen omdat onvoldoende feiten zijn gesteld voor feitelijk werkgeverschap of een schijnconstructie.
De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van het resterende leningbedrag met rente en incassokosten, alsmede de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.