ECLI:NL:RBROT:2024:12128

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
9 december 2024
Publicatiedatum
5 december 2024
Zaaknummer
AWB - 24 _6582
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 35 Participatiewet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten Bijbelstudie wegens ontbreken noodzaak

Eiseres vroeg bijzondere bijstand aan voor de kosten van een Bijbelstudie ter waarde van €1.800,-. Stroomopwaarts stelde de aanvraag aanvankelijk buiten behandeling wegens het niet tijdig aanleveren van benodigde gegevens. Na ontvangst van recente inkomensgegevens en bezwaar van eiseres, beoordeelde Stroomopwaarts de aanvraag inhoudelijk en wees deze af vanwege het ontbreken van noodzaak.

Eiseres voerde aan dat de Bijbelstudie haar rust geeft, haar psychische klachten verzacht en haar sociale contacten biedt. De rechtbank oordeelt echter dat deze persoonlijke voordelen niet voldoende zijn om te spreken van een noodzakelijke kostenpost in de zin van de Participatiewet.

De rechtbank volgt de vaste jurisprudentie van de Centrale Raad van Beroep dat de aanvrager aannemelijk moet maken dat aan de voorwaarden voor bijzondere bijstand wordt voldaan. Gezien het ontbreken van bewijs van noodzaak blijft het bestreden besluit in stand en wordt het beroep ongegrond verklaard.

Eiseres krijgt geen terugbetaling van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter M. Zoethout op 9 december 2024.

Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van bijzondere bijstand voor een Bijbelstudie wordt ongegrond verklaard.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 24/6582

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 9 december 2024 in de zaak tussen

[naam] , uit [woonplaats] , eiseres

(gemachtigde: mr. P. van Baaren),
en

Het dagelijks bestuur van Stroomopwaarts MVS, Stroomopwaarts

(gemachtigde: mr. A. Mersel).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag van 25 januari 2024 om bijzondere bijstand voor de kosten van een Bijbelstudie van € 1.800,-.
1.1.
Stroomopwaarts heeft deze aanvraag met het besluit van 20 februari 2024 buiten behandeling gesteld. Met het bestreden besluit van 17 juni 2024 heeft Stroomopwaarts het bezwaar van eiseres gedeeltelijk gegrond verklaard.
1.2.
Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Stroomopwaarts heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
1.3.
De gemachtigde van eiseres heeft de rechtbank op 23 oktober 2024 een e-mail van de bewindvoerder, zijnde de wettelijk vertegenwoordiger van eiseres, van 22 oktober 2024 toegezonden, waarin de bewindvoerder de gemachtigde toestemming geeft om eiseres in de beroepsprocedure te vertegenwoordigen.
1.4.
De rechtbank heeft het beroep op 8 november 2024 op zitting behandeld. Hieraan heeft de gemachtigde van Stroomopwaarts deelgenomen. Eiseres en haar gemachtigde hebben de rechtbank laten weten dat zij niet zullen verschijnen op de zitting.

Beoordeling door de rechtbank

2. De rechtbank beoordeelt de afwijzing van de aanvraag om bijzondere bijstand van eiseres. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres.
3. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.
4. Eiseres heeft een aanvraag om bijzondere bijstand ingediend voor een Bijbelstudie. Bij het op 25 januari 2024 bij Stroomopwaarts ingekomen aanvraagformulier is een brief ingesloten van de gemachtigde van eiseres waarin staat dat het gaat om € 1.500,- collegegeld en € 300,- aan kosten en bijdragen.
5. In zijn brief van 29 januari 2024 heeft Stroomopwaarts eiseres verzocht om uiterlijk op 13 februari 2024 recente gegevens omtrent inkomen en vermogen en een verklaring over de Bijbelstudie in te sturen. Daarbij is aangegeven dat als eiseres deze gegevens niet op tijd aanlevert, de aanvraag niet in behandeling kan worden genomen.
6. Er zijn geen stukken aangeleverd voor of vlak na 13 februari 2024. Met het besluit van 20 februari 2024 heeft Stroomopwaarts de aanvraag buiten behandeling gesteld.
6.1.
Op 16 februari 2024 is bij Stroomopwaarts een aanvraag bijzondere bijstand voor de kosten van bewindvoering van de bewindvoerder van eiseres binnen gekomen. Hierbij zaten recente gegevens omtrent het inkomen en vermogen van eiseres. Gelet hierop en op het feit dat eiseres bezwaar maakte tegen de buiten behandeling stelling, heeft Stroomopwaarts de aanvraag om bijzondere bijstand voor een Bijbelstudie in de bezwaarfase alsnog inhoudelijk beoordeeld. Met het bestreden besluit van 17 juni 2024 heeft Stroomopwaarts de aanvraag afgewezen, omdat eiseres de noodzaak van de Bijbelstudie niet heeft aangetoond.
7. Eiseres stelt zich in beroep op het standpunt dat Stroomopwaarts ten onrechte stelt dat de kosten voor de Bijbelstudie niet noodzakelijk zijn. Ten onrechte is geen onderzoek gedaan naar haar individuele geval. Eiseres schetst haar verleden, noemt haar psychische klachten en betoogt dat de Bijbelstudie haar rust geeft. Door de Bijbelstudie komt ze tot zichzelf en ziet ze dat er ook een andere kijk op de wereld is. Door de Bijbelstudie ontdekt eiseres in anderen die ook de Bijbel bestuderen een nieuwe vriendengroep.
8. Volgens vaste rechtspraak van de Centrale Raad van Beroep (de Raad), bijvoorbeeld de uitspraak van 14 mei 2024 (ECLI:NL:CRVB:2024:1069), moet degene die een aanvraag doet om bijzondere bijstand aannemelijk maken dat wordt voldaan aan de voorwaarden voor toekenning van die bijstand.
8.1.
Bij de toepassing van artikel 35, eerste lid, van de Participatiewet dient eerst te worden beoordeeld of de kosten waarvoor bijzondere bijstand wordt gevraagd zich voordoen, vervolgens of die kosten in het individuele geval van de betrokkene noodzakelijk zijn en daarna of die kosten voortvloeien uit bijzondere omstandigheden. Tot slot dient de vraag te worden beantwoord of de kosten kunnen worden voldaan uit de bijstandsnorm, de individuele inkomenstoeslag, de individuele studietoeslag, het vermogen en het inkomen voor zover dit meer bedraagt dan de bijstandsnorm. Op dit punt heeft de bijstandsverlenende instantie een zekere beoordelingsruimte.
9. De rechtbank is van oordeel dat Stroomopwaarts zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat geen sprake is van een noodzaak tot het volgen van de Bijbelstudie waarvoor eiseres bijzondere bijstand heeft aangevraagd. De rechtbank begrijpt dat een Bijbelstudie eiseres rust geeft, haar helpt tot zichzelf te komen en haar nieuwe vrienden oplevert, toch maakt dit nog niet dat sprake is van een noodzaak voor het volgen van deze Bijbelstudie.

Conclusie en gevolgen

10. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt en het bestreden besluit in stand blijft. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Zoethout, rechter, in aanwezigheid van R.P. Evegaars, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 9 december 2024.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.
Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.