De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling Leger des Heils Jeugdbescherming & Jeugdreclassering om een machtiging tot gesloten jeugdhulp te verlenen aan een minderjarige die ernstige opgroei- en opvoedingsproblemen vertoont. De minderjarige verblijft reeds in een gesloten groep en is onder toezicht gesteld tot juli 2025.
De GI verzoekt om verlenging van de machtiging gesloten jeugdhulp voor een periode van drie maanden, omdat de minderjarige zich onveilig voelt op de gesloten groep door dreiging van een ander meisje, maar zelf ook problematisch gedrag vertoont zoals wegloopgedrag en het niet accepteren van het gezag van de moeder. De moeder stemt in met het verzoek, hoewel zij verdrietig is over de situatie en hoopt op terugkeer na traumatherapie.
De minderjarige verzet zich tegen de verlenging voor drie maanden en wil liever een machtiging voor maximaal een maand, omdat zij zich niet veilig voelt en gemotiveerd is voor behandeling vanuit huis. De kinderrechter oordeelt dat gesloten jeugdhulp noodzakelijk is vanwege de ernstige problemen en veiligheidsrisico's, en dat minder ingrijpende maatregelen niet toereikend zijn. De machtiging wordt daarom voor drie maanden verleend, met het oog op traumatherapie en mogelijke gezinsverkenning.
De beslissing is genomen na een zitting met gesloten deuren waarbij de minderjarige, moeder, GI en advocaten aanwezig waren. Het hoger beroep kan binnen drie maanden worden ingesteld.