Uitspraak
RECHTBANK Rotterdam
1.[verweerder],
1.De zaak in het kort
2.Het procesverloop
3.De feiten
klachten, de toegepaste behandelingen en het resultaat van deze behandelingen? Welke overige klachten en beperkingen op uw vakgebied worden desgevraagd gemeld? Wilt u in uw anamnese vermelden welke beperkingen op uw vakgebied de onderzochte aangeeft in relatie tot de activiteiten van het algemene dagelijkse leven (ADL), loonvormende arbeid en het uitoefenen van hobby’s, bezigheden in recreatieve sfeer en zelfwerkzaamheid?
aanbeveling 2.2.6 RMSR)
aanbeveling 2.2.5 en aanbeveling 2.2.7 RMSR)
aanbeveling 2.2.8 RMSR)
aanbeveling 2.2.15 RMSR)
differentiaaldiagnostische overweging
aanbeveling 2.2.17 en aanbeveling 2.2.18)
aanbeveling 2.2.14 RMSR)
U beschrijft een aantal inconsistenties zoals het niet kunnen dragen van een veiligheidsvest bij allodynie, dat verder in het gehele dossier niet wordt beschreven en dat ook niet is terug te voeren op een neurologische stoornis. Daarnaast het niet kunnen fietsen in verband met traag reageren op het stuur, terwijl hij wel autorijdt, maar ook de disproportionaliteit van de klachten na een aanrijding met geringe impact. Ook worden er klachten genoemd als traag reageren bij opdrachten en het gevoel alsof het hoofd ontploft bij inspanning, die ik verder in het dossier niet tegenkom. Heeft u de mogelijkheid van een functioneel neurologische stoornis of vergelijkbare aandoening overwogen?
4.De verzoeken en verweren
5.De beoordeling
- i) het rapport van [naam 1] een bindend uitgangspunt is bij de verdere schadeafwikkeling,
- ii) er causaal verband bestaat tussen de klachten van [verzoeker] en het ongeval en
- iii) Allianz aan [verzoeker] een aanvullend voorschot moet betalen.
- het rapport is onvoldoende consistent omdat de aanwijzingen voor een nekhernia met wortelcompressie niet zijn vermeld in de samenvatting en niet zijn betrokken bij de beoordeling;
- tegenstrijdige bevindingen over de nekbewegingen zijn niet vermeld en bij de beoordeling betrokken;
- het antwoord op vraag 1d is onvolledig en niet gebaseerd op de juiste feiten,
- de diagnose is onduidelijk en onvoldoende gemotiveerd en is gebaseerd op onjuiste en onvolledige feiten omdat de aanwijzingen voor een nekhernia met wortelcompressie niet zijn vermeld.
- dat de uitgebrachte rapportage niet voldoet aan de elementaire eisen van deugdelijkheid,
- dat het deskundigenrapport intern inconsistent is of onbegrijpelijk is,
- dat in het deskundigenrapport zonder grond en/of om onduidelijke redenen relevante beschikbare informatie wordt genegeerd,
- dat in het deskundigenrapport niet wordt gereageerd op door partijen gestelde vragen,
- dat het deskundigenrapport logische denkfouten bevat, of
- als de rapportage op partijdige wijze tot stand is gekomen.
- in het verslag van radioloog [naam 4] van 3 juni 2020 over de MRI van de centrale wervelkolom (CWK) is te lezen dat er ook sprake is van wortelcompressie ter hoogte van wortel C8 links;
- de MRI van de CWK van oktober 2021 is volgens [naam 1] onveranderd;
- [naam 1] heeft bij zijn eigen neurologisch onderzoek geconstateerd dat de proef van Spurling links zwak positief was.
- bij de wederpartij het gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat de gerechtigde zijn aanspraak niet meer geldend zal maken, of
- de wederpartij in zijn positie alsnog onredelijk wordt benadeeld als de gerechtigde zijn aanspraak alsnog geldig maakt.
- het dossier van de bedrijfsarts over de periode tussen 8 mei 2019 (de datum waarop [verzoeker] zich ziek meldde) en 8 juli 2019 (de datum waarop [verzoeker] zich volledig hersteld meldde),
- en in verband met de kop- en staartbotsing in 2005: het huisartsenjournaal over de periode 2003 t/m 2010 en een eventueel expertiserapport naar aanleiding van die botsing.
- het journaal van de bedrijfsarts vermeldt dat [verzoeker] 3 maanden na het ongeval in 2005 was hersteld van zijn arbeidsongeschiktheid en sindsdien nagenoeg klachtenvrij was,
- [verzoeker] zwaar werk had en dat na het eerste ongeval weer heeft hervat en jarenlang is blijven doen, zonder dat sprake is geweest van uitval wegens nekklachten,
- het werkverzuim van [verzoeker] in de twee jaren voor het ongeval meer in het algemeen niet noemenswaardig was en dat de verzuimperioden van 7 dagen of langer in periodes vallen waarin [verzoeker] blijkens het huisartsenjournaal zijn huisarts bezocht voor andere klachten dan klachten aan de nek, hals en/of schouder,
6.De beslissing
2515/106