ECLI:NL:RBROT:2024:12571
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroeg ingesteld beroep tegen niet tijdig beslissen handhavingsverzoek
Eiseres heeft op 22 november 2024 een handhavingsverzoek ingediend bij de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) om het gebruik van bepaalde geneesmiddelen te schorsen. Vervolgens stelde zij dat de IGJ niet tijdig had beslist en stelde zij een beroep in tegen het uitblijven van een besluit.
De rechtbank stelt vast dat eiseres het beroep te vroeg heeft ingesteld, omdat de beslistermijn nog niet was verstreken en zij bovendien niet op juiste wijze een ingebrekestelling heeft gedaan. De e-mail van 25 november 2024 voldoet niet aan de wettelijke vereisten voor ingebrekestelling en was eveneens te vroeg verzonden.
Hoewel eiseres spoed betoogde, heeft zij niet aannemelijk gemaakt dat de veiligheid zodanig in gevaar is dat de beslistermijn niet kan worden afgewacht. De rechtbank oordeelt daarom dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is en wijst het af zonder zitting.
Er is ook geen grond voor het treffen van een voorlopige voorziening of ordemaatregel en er worden geen proceskosten aan eiseres opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen het niet tijdig beslissen op haar handhavingsverzoek is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg instellen.