ECLI:NL:RBROT:2024:12577

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
11 november 2024
Publicatiedatum
12 december 2024
Zaaknummer
FT RK 24/1000 en FT RK 24/1001
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287a Faillissementswet
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing dwangakkoord tegen weigering van schuldeiser bij schuldregeling

Verzoeker heeft een schuldregeling aangeboden aan negen schuldeisers, waarbij acht schuldeisers instemden, maar Regenboog Apotheek, met een vordering van €530,21 (0,5% van totale schuld), weigerde mee te werken. Verzoeker ontvangt een PW-uitkering en is in behandeling voor drugsverslaving, waarbij hij sinds eind 2022 geen drugs meer gebruikt. De regeling voorziet in een eenmalige betaling aan schuldeisers, gebaseerd op de NVVK-norm en is getoetst door een onafhankelijke partij.

De rechtbank overweegt dat het belang van Regenboog Apotheek bij volledige betaling niet opweegt tegen de belangen van verzoeker en de overige schuldeisers, mede gezien de geringe omvang van de vordering en het feit dat het akkoord een gunstiger resultaat biedt dan de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP). Regenboog Apotheek heeft geen verweer gevoerd ondanks oproep.

De rechtbank beveelt Regenboog Apotheek om in te stemmen met de schuldregeling, veroordeelt haar in de proceskosten en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Het subsidiaire verzoek tot toepassing van de WSNP wordt afgewezen. Hiermee kan verzoeker zijn schuldenproblematiek voortzetten vanuit een stabiele situatie.

Uitkomst: Rechtbank beveelt schuldeiser Regenboog Apotheek in te stemmen met de schuldregeling en wijst het subsidiaire verzoek tot WSNP af.

Uitspraak

Rechtbank Rotterdam

Team insolventie
rekestnummer: [nummer 1] – [nummer 2]
uitspraakdatum: 11 november 2024
in de zaak van:
[verzoeker],
wonende te [adres]
[postcode] [woonplaats] ,
verzoeker.

1.De procedure

Verzoeker heeft op 25 juli 2024, tezamen met een verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling, een verzoek ingevolge artikel 287a, eerste lid, Faillissementswet ingediend om één schuldeiser, te weten:
- Regenboog Apotheek, in behandeling bij Coeo Incasso (hierna: Regenboog Apotheek);
die weigert mee te werken aan een door verzoeker aangeboden schuldregeling, te bevelen in te stemmen met deze schuldregeling.
Ter zitting van 4 november 2024 zijn verschenen en gehoord:
  • verzoeker;
  • mevrouw [persoon A] , werkzaam bij de Sociale Dienst Drechtsteden (hierna: schuldhulpverlening);
  • de heer J. Boterman, vennoot van Fimar (hierna: beschermingsbewindvoerder);
  • mevrouw [persoon B] , persoonlijk begeleider (hierna: begeleider).
De weigerende schuldeiser is, hoewel daartoe behoorlijk opgeroepen, niet verschenen.
De uitspraak is bepaald op heden.

2.Het verzoek

Verzoeker heeft volgens het ingediende verzoekschrift negen schuldeisers, waarvan één preferente en acht concurrente schuldeisers. Deze schuldeisers hebben volgens het ingediende verzoekschrift in totaal een bedrag van € 117.142,92 van verzoeker te vorderen.
Verzoeker heeft bij brief van 19 januari 2024 en per brief van 3 mei 2024 een schuldregeling aangeboden aan zijn schuldeisers, inhoudende een betaling van 0,94% aan de preferente schuldeisers en 0,47% aan de concurrente schuldeisers tegen finale kwijting. Ter zitting heeft de schuldhulpverlener verklaard dat de schuldenlast lager is geworden, namelijk € 40.991,81. Het percentage dat aan de schuldeisers is aangeboden is ongewijzigd gebleven.
Het aangeboden akkoord heeft de volgende inhoud en achtergrond. De aangeboden regeling is gebaseerd op de NVVK-norm. De afloscapaciteit van verzoeker is gebaseerd op ongewijzigde voortzetting van zijn PW-uitkering. Verzoeker wordt op dit moment niet actief gecontroleerd op zijn sollicitatieverplichting, omdat hij in behandeling is bij Stichting Trivire voor zijn drugsverslaving. Verzoeker heeft op dit moment voor vier en halve dag per week dagbesteding. Volgens de aangeboden schuldregeling wordt het aangeboden percentage – door middel van een door schuldhulpverlening ter beschikking gesteld saneringskrediet – in één keer aan de schuldeisers uitgekeerd. Verzoeker heeft zich op het standpunt gesteld dat hij al het mogelijke heeft gedaan om het aangeboden percentage aan zijn schuldeisers aan te bieden. Verzoeker heeft sinds de aanmelding bij schuldhulpverlening geen nieuwe schulden of achterstanden meer laten ontstaan en zijn vaste lasten worden inmiddels door zijn beschermingsbewindvoerder voldaan.
Acht schuldeisers stemmen met de aangeboden schuldregeling in. Regenboog Apotheek stemt hier niet mee in. Zij heeft een vordering van € 530,21 op verzoeker, welke 0,5% van de totale schuldenlast beloopt.

3.Het verweer

Hoewel behoorlijk opgeroepen heeft Regenboog Apotheek geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid haar standpunten schriftelijk, dan wel ter zitting toe te lichten.

4.De beoordeling

Uitgangspunt is dat het iedere schuldeiser in beginsel vrij staat om te verlangen dat 100% van zijn vordering, vermeerderd met rente, wordt voldaan. Nu de aangeboden regeling voorziet in een lagere uitkering dan de volledige vordering, staat het belang van Regenboog Apotheek bij haar weigering vast.
De rechtbank ziet zich gesteld voor het beantwoorden van de vraag of Regenboog Apotheek in redelijkheid niet tot weigering van instemming met de schuldregeling heeft kunnen komen, in aanmerking genomen de onevenredigheid tussen het belang dat zij heeft bij uitoefening van de bevoegdheid tot weigering en de belangen van verzoeker of de overige schuldeisers die door de weigering worden geschaad.
De rechtbank stelt allereerst vast dat de vordering van Regenboog Apotheek een gering aandeel vormt in de totale schuldenlast van 0,5%.
Een ruime meerderheid van de schuldeisers, namelijk acht van de negen schuldeisers, is met de aangeboden regeling akkoord gegaan.
De rechtbank stelt ook vast dat het voorstel is getoetst door een deskundige en onafhankelijke partij, te weten de Sociale Dienst Drechtsteden. Voorts is het voorstel naar het oordeel van de rechtbank goed en controleerbaar gedocumenteerd.
De rechtbank is van oordeel dat het voorstel het uiterste is waartoe verzoeker in staat moet worden geacht. Uit het verzoekschrift en het verhandelde ter zitting is gebleken dat verzoeker een PW-uitkering ontvangt. Verzoeker wordt op dit moment niet actief gecontroleerd op zijn sollicitatieverplichting, omdat hij in behandeling is bij Stichting Trivire voor zijn drugsverslaving. Sinds eind 2022 heeft hij geen drugs meer gebruikt. Verzoeker heeft op dit moment voor vier en een halve dag per week dagbesteding. Voor de rechtbank is voldoende aannemelijk geworden dat hij in de komende periode geen inkomen zal kunnen verwerven dat hoger is dan zijn huidige inkomen.
Naar verwachting zal de uitwerking van het voorstel een gunstiger resultaat hebben voor de schuldeisers dan in de situatie dat de schuldsaneringsregeling op verzoeker van toepassing zou zijn, zoals subsidiair verzocht. Immers, de toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling zal aanzienlijke kosten met zich brengen, bestaande uit salaris voor de bewindvoerder en griffierecht, die in mindering komen op hetgeen verzoeker zou kunnen afdragen in de schuldsaneringsregeling. Dat betekent dat toepassing van de schuldsaneringsregeling de schuldeisers minder zou opleveren dan bij het akkoord wordt aangeboden. Daar komt nog bij dat een eventuele bate voor de schuldeisers pas aan het einde van de schuldsaneringsregeling wordt uitgekeerd, terwijl de aangeboden regeling erin voorziet dat het aangeboden bedrag ineens en op korte termijn betaalbaar wordt gesteld.
Op grond van het voorgaande komt de rechtbank dan ook tot het oordeel dat de belangen van verzoeker die vanuit een stabiele situatie zijn schuldenproblematiek wil oplossen en van de overige schuldeisers die hebben ingestemd met het aanbod, zwaarder wegen dan die van Regenboog Apotheek, die geweigerd heeft in te stemmen.
Het verzoek om Regenboog Apotheek te bevelen in te stemmen met de schuldregeling wordt daarom toegewezen.
Regenboog Apotheek zal als de in het ongelijk gestelde partij worden veroordeeld in de kosten van de procedure. Nu voor het onderhavige verzoekschrift geen griffierecht verschuldigd is en verzoeker niet is bijgestaan door een advocaat, worden de kosten begroot op nihil.
De rechtbank stelt vast dat er thans een gedwongen schuldregeling is afgekondigd, die in de plaats komt van de vrijwillige instemming van de schuldeisers. Hieruit volgt dat verzoeker zal kunnen voortgaan met het betalen van zijn schulden en dat hij niet verkeert in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen zodat het subsidiaire verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal worden afgewezen.

5.De beslissing

De rechtbank:
- beveelt Regenboog Apotheek om in te stemmen met de door verzoeker aangeboden schuldregeling;
- veroordeelt Regenboog Apotheek in de kosten van deze procedure, aan de zijde van verzoeker begroot op nihil;
- bepaalt dat dit vonnis in de plaats treedt van de vrijwillige instemming;
- wijst het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af;
- verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.C. Snel-van den Hout, rechter, en in aanwezigheid van S.R.L.T. Peek, griffier, in het openbaar uitgesproken op 11 november 2024. [1]

Voetnoten

1.Tegen deze uitspraak kan degene aan wie de Faillissementswet dat recht toekent, gedurende acht dagen na de dag van deze uitspraak, hoger beroep instellen. Het hoger beroep kan uitsluitend door een advocaat worden ingesteld bij een verzoekschrift, in te dienen ter griffie van het gerechtshof dat van deze zaak kennis moet nemen.