Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het in de zaak met parketnummer 10/100096-24 onder 1 primair en 2 ten laste gelegde en het in de zaak met parketnummer 10/307143-23 ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot jeugddetentie voor de duur van 9 maanden met aftrek
- oplegging van de maatregel tot plaatsing in een inrichting voor jeugdigen (hierna: PIJ-maatregel) voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en met als bijzondere voorwaarden dat de verdachte zal meewerken aan de begeleiding van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond (hierna: de jeugdreclassering), een zinvolle dagbesteding heeft, zal meewerken aan Multi-systeemtherapie (MST) door De Viersprong, zal meewerken aan behandeling gericht op zijn bedreigde persoonlijkheidsontwikkeling richting cluster B vanuit De Viersprong of een vergelijkbare instelling zoals De Waag of Fivoor, zal meewerken aan urineonderzoek, zal meewerken aan ITB-HKA, zich zal houden aan een avondklok, zich zal houden aan een contactverbod met het slachtoffer [slachtoffer 1] , zich zal houden aan een gebiedsverbod voor de wijk Waterland te Spijkenisse, zo lang de jeugdreclassering dit nodig acht en ter controle van het contact-, locatie- en gebiedsverbod meewerkt aan elektronisch toezicht;
- met opdracht aan de jeugdreclassering tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;
- dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden en het uit te oefenen toezicht.
4.Waardering van het bewijs
5.Strafbaarheid feiten
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf en maatregel
- meewerkt aan klinische behandeling bij de Catamaran of een soortgelijke instelling;
- aansluitend op de klinische behandeling, meewerkt aan de ambulante behandeling indien die noodzakelijk wordt geacht;
- een dagbesteding heeft in de vorm van een traject, school of werk;
- contact- en locatieverbod met het slachtoffer.
8.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
voor de duur van 9 (negen) maanden;
maatregel van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen;
niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
proeftijd, die wordt vastgesteld op
2 (twee) jaren;
- de veroordeelde zal medewerking verlenen aan jeugdreclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken daaronder begrepen en het zich melden bij de jeugdreclassering zo vaak en zolang als de jeugdreclassering dit noodzakelijk acht;
benadeelde partij [benadeelde partij], te betalen een bedrag van
€ 20.572,90 (zegge: twintigduizendvijfhonderdtweeënzeventig euro en negentig cent), bestaande uit € 3.072,90 aan materiële schade en € 17.500,- aan immateriële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 20 maart 2024 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de
benadeelde partij [benadeelde partij]te betalen
€ 20.572,90 (hoofdsom, zegge: twintigduizendvijfhonderdtweeënzeventig euro en negentig cent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 20 maart 2024 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen.
tnaar huis en