ECLI:NL:RBROT:2024:13057

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
6 december 2024
Publicatiedatum
23 december 2024
Zaaknummer
10799378 CV EXPL 23-30588
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 233 RvArt. 237 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing tegeneis Allianz wegens niet-nakomen bewijsopdracht in vangrailschadezaak

In deze civiele procedure tussen [eiser], handelend onder een handelsnaam en gevestigd te [vestigingsplaats], en Allianz Benelux N.V., gevestigd te Brussel en kantoorhoudende te Rotterdam, stond een geschil omtrent een vangrailschade aan een Mercedes centraal.

In een tussenvonnis van 24 mei 2024 werd [eiser] niet-ontvankelijk verklaard in zijn eis, waardoor alleen de tegeneis van Allianz nog beoordeeld diende te worden. Allianz moest bewijzen dat [eiser] het bestaan van een eerdere vangrailschade aan de Mercedes had verzwegen.

Allianz was voornemens drie getuigen te horen, maar zag af van bewijslevering omdat contact met twee getuigen niet mogelijk was en hun verblijfplaats onbekend was. Hierdoor is Allianz niet geslaagd in haar bewijsopdracht en wordt de tegeneis afgewezen.

De kantonrechter veroordeelt Allianz in de proceskosten, begroot op €271,50, en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. Dit betekent dat het vonnis direct kan worden uitgevoerd, ook als hoger beroep wordt ingesteld.

Uitkomst: De tegeneis van Allianz wordt afgewezen en Allianz wordt veroordeeld in de proceskosten.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10799378 CV EXPL 23-30588
datum uitspraak: 6 december 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van
[eiser],die handelt onder de naam
[handelsnaam],
vestigingsplaats: [vestigingsplaats],
eiser in conventie,
verweerder in reconventie,
die nu zelf procedeert,
tegen
Allianz Benelux N.V., die mede handelt onder de naam
Allianz Nederland Schadeverzekering,
vestigingsplaats: Brussel (België),
mede kantoorhoudende in Rotterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
gemachtigde: mr. R.H.J. Wildenburg.
De partijen worden hierna ‘[eiser]’ en ‘Allianz’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • het tussenvonnis van 24 mei 2024 en de daarin genoemde stukken;
  • de akte van Allianz van 20 juni 2024;
  • de brief van de gemachtigde van Allianz van 9 oktober 2024, met een bijlage.

2.De verdere beoordeling

2.1.
In het tussenvonnis is [eiser] niet-ontvankelijk verklaard in zijn eis, zodat alleen nog beslist hoeft te worden over de tegeneis van Allianz. In het kader van deze tegeneis heeft de kantonrechter Allianz opgedragen om te bewijzen dat [eiser] het bestaan van een eerdere vangrailschade aan de Mercedes heeft verzwegen.
2.2.
Allianz was voornemens drie getuigen te laten horen. Bij voornoemde brief van 9 oktober 2024 heeft zij de kantonrechter echter bericht af te zien van bewijslevering, omdat zij met twee van de drie getuigen geen contact heeft kunnen krijgen en de betreffende personen blijkens de Basisregistratie Personen geen bekende woon- of verblijfplaats hebben. Gelet daarop is Allianz niet in haar bewijsopdracht geslaagd. De tegeneis wordt daarom afgewezen.
Allianz moet de proceskosten betalen
2.3.
De proceskosten (in reconventie) komen voor rekening van Allianz, omdat zij ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot de kosten die Allianz aan [eiser] moet betalen op € 271,50 aan salaris voor de gemachtigde (½ punt x € 543,-), omdat de tegeneis voortvloeit uit het verweer in conventie. Hier kan nog een bedrag bij komen als dit vonnis wordt betekend.
Dit vonnis is uitvoerbaar bij voorraad
2.4.
Dit vonnis wordt voor wat betreft voornoemde proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard, omdat [eiser] dat eist en Allianz daar geen bezwaar tegen heeft gemaakt (artikel 233 Rv Pro). Dat betekent dat het vonnis meteen mag worden uitgevoerd, ook als één van de partijen aan een hogere rechter vraagt om de zaak opnieuw te beoordelen.

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
wijst de tegeneis van Allianz af;
3.2.
veroordeelt Allianz in de proceskosten, die aan de kant van [eiser] worden begroot op € 271,50;
3.3.
verklaart dit vonnis voor wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. F. Aukema-Hartog en in het openbaar uitgesproken.
43416