Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- de heer mr. B. el Ouath, advocaat van verzoekster;
- de heer M. el Joghrafi, werkzaam bij JM Bewind B.V. (hierna: beschermingsbewindvoerder).
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 287b, eerste lid, Faillissementswet om een voorlopige voorziening te treffen die verweerster zou verbieden het vonnis tot ontruiming van haar woonruimte uit te voeren.
Tijdens de zitting verscheen verzoekster niet, en verweerster was zonder bericht afwezig. De advocaat van verzoekster heeft later bericht dat het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling is ingetrokken en dat de huurachterstand inmiddels volledig is voldaan.
De rechtbank oordeelt dat daardoor geen sprake meer is van een spoedeisend belang of bedreigende situatie zoals vereist in artikel 287b, tweede lid, Faillissementswet. Daarom wordt het verzoek afgewezen.
De uitspraak is gedaan door rechter B.A. Cnossen op 24 december 2024.
Uitkomst: Het verzoek tot voorlopige voorziening moratorium wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang.