In deze civiele zaak vordert eiser, een voormalig advocaat, schadevergoeding van GGN Mastering Credit B.V. wegens beroepsfouten bij de tenuitvoerlegging van een vonnis tegen de weduwe van een klant. Eiser stelt dat GGN enkelvoudige in plaats van samengestelde handelsrente heeft berekend, waardoor hij € 6.234,78 aan rente misliep. Tevens eist hij vergoeding voor niet goed geleverde fietsen, maar dit deel wordt afgewezen omdat de schadestaatprocedure hiervoor openstaat.
GGN voert een tegeneis in voor het verschil in afwikkelingskosten, stellende dat zij onjuist het advocatentarief heeft gehanteerd omdat eiser zich in de dagvaarding ten onrechte als advocaat presenteerde. De kantonrechter oordeelt dat eiser in het voorjaar van 2020 nog advocaat was en dat GGN het lagere tarief terecht toepaste.
De rechter stelt vast dat GGN grove schuld heeft aan de foutieve renteberekening, omdat meerdere medewerkers dit niet onderkenden terwijl het om aanzienlijke bedragen en een lange periode ging. GGN kan zich niet beroepen op uitsluiting van aansprakelijkheid in haar algemene voorwaarden. De finale kwijting die GGN aan de weduwe verleende, verhindert eiser niet de schadevergoeding te vorderen van GGN.
De kantonrechter veroordeelt GGN tot betaling van € 6.234,78 met wettelijke rente aan eiser en wijst de overige vorderingen en de tegeneis af. Tevens moet GGN de proceskosten betalen. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.