De kinderrechter van de Rechtbank Rotterdam behandelde twee zaken betreffende machtigingen tot uithuisplaatsing van minderjarigen [minderjarige 1] en [minderjarige 2]. Beide minderjarigen verkeren in problematische thuissituaties waarbij de ouders met elkaar in conflict zijn en onvoldoende in staat zijn om de kinderen de noodzakelijke zorg en veiligheid te bieden.
Voor [minderjarige 2] werd de machtiging tot uithuisplaatsing verlengd tot 28 februari 2025. Deze minderjarige verblijft momenteel bij een jeugdhulpaanbieder, maar kan niet terugkeren naar de ouders of grootmoeder vanwege overbelasting van de moeder en het ontbreken van een eigen woning bij de vader. Positieve signalen over het gedrag van [minderjarige 2] zijn er, maar schoolverzuim blijft een zorgpunt.
Voor [minderjarige 1] werd een nieuwe machtiging verleend tot 24 oktober 2025. De thuissituatie bij de moeder is onveilig en onrustig, met escalaties en ernstig schoolverzuim. [minderjarige 1] is gemotiveerd voor behandeling en kan vanaf de uitspraak geplaatst worden op een fasegroep van Prokino, waar zij begeleiding krijgt richting volwassenheid.
De kinderrechter verklaarde de beslissingen uitvoerbaar bij voorraad, waardoor deze direct van kracht zijn, ook bij hoger beroep. Het belang van de verzorging en opvoeding van de minderjarigen stond centraal in de beslissing.