ECLI:NL:RBROT:2024:13784
Rechtbank Rotterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot onderbewindstelling wegens eerdere bedreigingen en onrespectvolle houding
Betrokkene verzocht om onderbewindstelling vanwege zijn geestelijke toestand, met benoeming van Stichting Centrale Administratie voor Voorzieningen op het Gebied van de Gezondheids- en Welzijnszorg als bewindvoerder. De kantonrechter nam kennis van het verzoek en de bereidverklaring van de voorgestelde bewindvoerder.
Tijdens de zitting op 18 december 2023 werd besproken dat betrokkene al drie keer eerder onder bewind was gesteld. Deze eerdere bewinden werden voortijdig beëindigd vanwege bedreigingen aan de voormalige bewindvoerders. Betrokkene weersprak de verklaring van De Hoop GGZ en uitte zich op een dreigende toon jegens zijn hulpverleners, wat leidde tot beëindiging van de zitting.
De kantonrechter overwoog dat het slagen van een onderbewindstelling volledig afhankelijk is van de eigen inzet van betrokkene, waarbij een gemotiveerde en respectvolle houding jegens bewindvoerders en hulpverleners noodzakelijk is. Gezien het eerdere verloop en de houding van betrokkene achtte de kantonrechter een nieuwe onderbewindstelling niet zinvol en wees het verzoek af.
Uitkomst: Het verzoek tot onderbewindstelling is afgewezen vanwege eerdere bedreigingen en een dreigende houding van betrokkene.