Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 21 september 2023;
- het verweerschrift tevens zelfstandig verzoek met bijlagen van de man, ingekomen op 7 november 2023;
- het verweerschrift op het zelfstandig verzoek met bijlagen van de vrouw, ingekomen op 21 december 2023;
- de berichten van de vrouw van 21 oktober 2024 (met bijlagen), tevens inhoudende een wijziging van haar verzoek en 30 oktober 2024 (met bijlage);
- het bericht van de man van 30 oktober 2024 (met bijlage).
- de vrouw, bijgestaan door haar advocaat;
- de man, bijgestaan door zijn advocaat.
3.De beoordeling
- naar de rechtbank begrijpt, over te gaan tot afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden op de door de vrouw voorgestelde wijze en daarbij tevens vast te stellen welk bedrag de man aan de vrouw dient te betalen wegens overbedeling, waarbij de man veroordeeld wordt dat bedrag te betalen binnen veertien dagen na het geven van de beschikking in deze procedure;
- de man te bevelen zijn medewerking te verlenen aan de goederenrechtelijke voltooiing van de (wijze van de) verdeling en daarbij te bepalen dat deze beschikking in de plaats komt van de ontbrekende toestemming en/of wilsverklaring en/of handtekening van de man bij het voltooien van de verdeling.
tot aande peildatum geen wettelijke grondslag is.
vanafde peildatum tot november 2023 overweegt de rechtbank als volgt. De man heeft een overzicht overgelegd op basis waarvan hij stelt maandelijks € 2.289,47 aan woonlasten te hebben. Welk deel daarvan eigenaars- of gebruikerslasten zijn en welke lasten wel of niet vermogensvormend zijn is echter onduidelijk gebleven. Door na te laten dat onderscheid te maken, heeft de man zijn verzoek onvoldoende onderbouwd.