Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- [schuldenaar], schuldenaar,
- [naam], partner van schuldenaar,
- de heer C. Mulder en mevrouw K. Wouts, beschermingsbewindvoerder,
- mevrouw M. den Uil, bewindvoerder.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Bij vonnis van 17 mei 2023 werd de schuldsaneringsregeling toegepast op schuldenaar. De bewindvoerder verzocht tussentijdse beëindiging van deze regeling, waar de rechter-commissaris op 14 november 2023 mee instemde. Tijdens de zitting van 8 januari 2024 werden de betrokken partijen gehoord.
De schuldsaneringsregeling biedt schuldenaren de mogelijkheid om na drie jaar een schone lei te verkrijgen, mits zij voldoen aan diverse verplichtingen zoals het informeren van de bewindvoerder, afdragen van inkomen boven het vrij te laten bedrag en het vermijden van nieuwe schulden. De rechtbank constateert dat schuldenaar toerekenbaar tekort is geschoten in de nakoming van deze verplichtingen, met name door het niet tijdig en correct informeren, onvoldoende inspanningen voor werk en het ontstaan van meerdere nieuwe schulden.
De rechtbank acht het onvoldoende aannemelijk dat deze tekortkomingen niet aan schuldenaar te wijten zijn, zeker gezien de waarschuwingen van de rechter-commissaris in juli en augustus 2023. Een verlenging van de regeling om herstel mogelijk te maken acht de rechtbank niet haalbaar. Daarom wordt de schuldsaneringsregeling beëindigd op grond van artikel 350 lid 3 sub c Faillissementswet Pro. Het salaris van de bewindvoerder wordt vastgesteld op maximaal €1.979,74. Er zijn geen baten beschikbaar voor vorderingen, waardoor geen faillissement van rechtswege ontstaat na kracht van gewijsde.
Uitkomst: De rechtbank beëindigt de schuldsaneringsregeling wegens toerekenbare tekortkomingen in de nakoming van verplichtingen.