Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- schuldenares;
- de heer mr. J.M. van der Linden, advocaat van schuldenares;
- de heer M.A.T. Noordzij, bewindvoerder.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Rotterdam
Schuldenares was onderworpen aan een schuldsaneringsregeling die op 8 februari 2021 werd uitgesproken. De bewindvoerder rapporteerde tekortkomingen in de nakoming van verplichtingen, waaronder informatieverstrekking, sollicitatieplicht, afdracht en het ontstaan van nieuwe schulden. De boedelachterstand bedroeg tot eind 2023 ongeveer €4.653,02, exclusief nieuwe schulden aan zorgverzekeraar, Belastingdienst en gemeente Rotterdam, samen circa €8.903,27.
Tijdens de zitting op 8 januari 2024 gaf de bewindvoerder aan dat schuldenares geen saneringsgezinde houding toonde en onvoldoende actie had ondernomen om de achterstand en nieuwe schulden in te lopen. Schuldenares had slechts €450 gespaard en overgemaakt. Ondanks een plan van aanpak ontbrak het aan overtuiging dat zij de achterstanden binnen een verlenging zou kunnen inlossen.
Schuldenares stelde dat onduidelijkheid over het vrij te laten bedrag en fouten van de bewindvoerder mede oorzaak waren van de achterstand. Zij erkende impulsief gedrag en gaf aan hulp te zoeken via beschermingsbewind. De rechtbank oordeelde dat schuldenares toerekenbaar tekort was geschoten, geen saneringsgezinde houding had getoond en dat de nieuwe schulden niet te goeder trouw waren, met name de schuld aan de gemeente Rotterdam.
De rechtbank besloot de schone lei te weigeren, de schuldsaneringsregeling te beëindigen per 8 februari 2024 en het salaris van de bewindvoerder vast te stellen. De uitspraak is gedaan door rechter C. de Jong op 15 januari 2024.
Uitkomst: De rechtbank weigert de schone lei wegens tekortkomingen en beëindigt de schuldsaneringsregeling per 8 februari 2024.