ECLI:NL:RBROT:2024:1631

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
8 maart 2024
Publicatiedatum
1 maart 2024
Zaaknummer
ROT 23/7881
Instantie
Rechtbank Rotterdam
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Vereenvoudigde behandeling
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 8:41 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing beroep wegens misbruik van recht en niet-betaling griffierecht

De rechtbank Rotterdam behandelt het beroep van eiser tegen het besluit van de Hoofdofficier van Justitie van 22 november 2023. Eiser heeft verzocht om ontheffing van het griffierecht wegens betalingsonmacht, maar heeft het griffierecht niet voldaan.

De rechtbank oordeelt dat eiser misbruik maakt van recht door zijn vele verzoeken en procedures, wat eerder ook door de bestuursrechter is vastgesteld. Door het niet voldoen van het griffierecht is eiser in verzuim volgens artikel 8:41, zesde lid, Awb, waardoor het beroep niet-ontvankelijk verklaard wordt.

Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is gedaan zonder zitting op 8 maart 2024 door rechter M. Zoethout, in aanwezigheid van griffier L.M. Arkenbout.

Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens misbruik van recht en niet-betaling van het griffierecht.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM
Bestuursrecht
zaaknummer: ROT 23/7881

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 8 maart 2024 in de zaak tussen

[Naam], uit [Plaats], eiser

en

de Hoofdofficier van Justitie, verweerder.

Inleiding

1. In deze uitspraak beslist de rechtbank over het beroep van eiser tegen het besluit van verweerder van 22 november 2023.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is, doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. Eiser heeft een beroep gedaan op betalingsonmacht en daarom verzocht te worden ontheven van de verplichting om het verschuldigde griffierecht te voldoen. Eiser heeft het griffierecht niet voldaan.
3. De rechtbank is van oordeel dat eiser misbruik maakt van recht en dat hij daarom geen aanspraak kan maken op ontheffing van de verplichting griffierecht te voldoen. Door geen griffierecht te voldoen is hij in verzuim als bedoeld in artikel 8:41, zesde lid, van de Awb. Dit betekent dat het beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard. De rechtbank neemt hierbij het volgende in aanmerking. Veelvuldig heeft de bestuursrechter geoordeeld dat eiser misbruik maakt van recht met zijn vele verzoeken en procedures (recentelijk nog ECLI:NL:RVS:2023:4063). De rechtbank ziet geen aanleiding om daar nu anders over te oordelen.
4. Het beroep is daarom kennelijk niet-ontvankelijk.
5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Zoethout, rechter, in aanwezigheid van
L.M. Arkenbout, griffier. De uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 8 maart 2024.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.