Verzoekster heeft op 14 april 2023 een aanvraag ingediend om in de basisregistratie personen te worden ingeschreven met een gemeentelijk briefadres. Het college stelde deze aanvraag buiten behandeling wegens onvoldoende verstrekte informatie over verblijfsadressen. Verzoekster maakte bezwaar, dat werd afgewezen, waarna zij beroep instelde en tevens een voorlopige voorziening verzocht.
De voorzieningenrechter oordeelt dat het college ten onrechte de aanvraag buiten behandeling heeft gesteld. Uit de correspondentie bleek dat verzoekster op wisselende adressen verbleef en niet in staat was om exacte adressen te verstrekken, wat het college had moeten accepteren. Het college beschikte over voldoende informatie om de aanvraag inhoudelijk te beoordelen en had verzoekster in persoon moeten horen bij twijfel.
Het beroep wordt gegrond verklaard, het bestreden besluit vernietigd en het college opgedragen binnen zes weken een nieuwe beslissing te nemen. Tot die tijd wordt een voorlopige voorziening getroffen waardoor verzoekster wordt ingeschreven met een briefadres. Tevens wordt het college veroordeeld tot betaling van proceskosten aan verzoekster.