ECLI:NL:RBROT:2024:1851
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering inzage bescheiden legitieme portie in nalatenschap
De rechtbank Rotterdam behandelde een geschil over het recht op inzage van bescheiden voor de berekening van de legitieme portie na het overlijden van de erflater op 5 mei 2022. Eiser, een kind van de overledene, vorderde dat gedaagde, de echtgenote en executeur van de nalatenschap, aanvullende documenten verstrekte die nodig zouden zijn voor de berekening van zijn legitieme portie.
Gedaagde had reeds diverse bescheiden overgelegd, zowel bij de conclusie van antwoord als na de mondelinge behandeling. De rechtbank oordeelde dat het op de weg van eiser lag om concreet aan te geven welke stukken nog ontbraken, maar eiser heeft dit niet gedaan. Hierdoor werd aangenomen dat de benodigde informatie reeds was verstrekt.
Hoewel eiser twijfels uitte over de waarde van de inboedel en bepaalde banktransacties, betroffen zijn vorderingen uitsluitend het verkrijgen van documenten en niet het vaststellen van de legitieme portie zelf. De rechtbank wees de vorderingen daarom af. Wel werd gedaagde veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van eiser, begroot op €1.621, en werd deze veroordeling uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Vordering tot verstrekking aanvullende bescheiden afgewezen; gedaagde veroordeeld in proceskosten.