Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.[verweerder 1] ,
1.De procedure
- het verzoekschrift met bijlagen, ter griffie binnengekomen op 22 januari 2024;
- de reactie van verweerders.
Rechtbank Rotterdam
Op 5 oktober 2023 werd verzoeker aangehouden door twee verbalisanten van de Nationale Politie op verdenking van een overtreding van artikel 461 Sr Pro. Verzoeker stelt dat tijdens de aanhouding zijn rugzak op het wegdek is gekomen en vervolgens door een vrachtwagen is overreden, waardoor schade is ontstaan. Verzoeker wil deze schade vergoed krijgen en is voornemens een procedure tegen de Staat der Nederlanden te starten.
Voorafgaand aan deze procedure verzocht verzoeker om een voorlopig getuigenverhoor van de twee verbalisanten, die ook de verweerders in deze zaak zijn. Hoewel verweerders geen bezwaar maakten tegen het verzoek, verklaarde de kantonrechter verzoeker niet-ontvankelijk omdat het verzoek niet was gericht tegen de juiste wederpartij, namelijk de Staat, maar tegen de verbalisanten zelf.
Het verzoekschrift voldeed daardoor niet aan de vereisten van artikel 187 lid 3 sub d Rv Pro, omdat de naam en woonplaats van de juiste wederpartij ontbraken. Hierdoor kon de kantonrechter niet inhoudelijk op het verzoek ingaan en wees het af.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn verzoek tot voorlopig getuigenverhoor wegens ontbreken juiste wederpartij.