4.1.[persoon B] vordert bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
[persoon A] te verbieden om de woning te betreden vanaf de datum van dit vonnis, op straffe van een dwangsom van € 1.500,00 per overtreding met een maximum van € 15.000,00;
het gelegde conservatoir beslag op de woning, zoals gelegd op 29 februari 2024, binnen twee dagen na de datum van dit vonnis op te heffen en opgeheven te houden, op straffe van een dwangsom van € 1.500,00 per dag, met een maximum van € 15.000,00;
op voorwaarde dat de voorzieningenrechter voorshands van oordeel is dat [persoon A] gerechtigd is tot een deel van de (verkoopopbrengst van) de woning, [persoon A] te veroordelen om binnen twee weken na betekening van dit vonnis haar medewerking te verlenen aan alles wat nodig is om de woning in de verkoop te zetten en alle handelingen te verrichten die nodig zijn om de verkoop en levering van de woning tot stand te brengen. Meer in het bijzonder wordt de medewerking van de vrouw gevorderd voor de volgende handelingen:
a. het zich refereren aan de door de ingeschakelde makelaar van Maarten Makelaardij & Hypotheken Drechtsteden vast te stellen vraag-, laat- en verkoopprijs;
b. het toegang verschaffen aan de makelaar voor het laten bezichtigen van de woning aan potentiële kopers op de door de makelaar aan te geven dagen en zelf op die momenten afwezig te zijn;
c. het plaatsen van een handtekening op de koopovereenkomst, indien een koper bereid is de door de makelaar aangehouden verkoopprijs of een hoger bedrag te betalen;
d. het ondertekenen van de daartoe benodigde documenten die nodig zijn voor de overdracht van de woning aan de koper dan wel daartoe een volmacht af te geven;
e. het leeg en opgeruimd achterlaten van de woning en het verstrekken van de sleutels bij het opleveren van de woning, binnen twee maanden na tekenen van de koopakte;
voor wat betreft het gevorderde onder a., b. en e. op straffe van een dwangsom van € 500,00 per dag of gedeelte daarvan dat [persoon A] in gebreke blijft daaraan te voldoen, met een maximum van € 50.000,00, en voor wat betreft het gevorderde onder c. en d. te bepalen dat indien [persoon A] niet voldoet aan de veroordelingen, het af te geven vonnis in de plaats treedt van de vereiste toestemming, wilsverklaring, medewerking en/of handtekening van [persoon A] , en te bepalen dat het door de voorzieningenrechter af te geven vonnis in de plaats treedt van een in wettige vorm opgemaakte akte strekkende tot het notarieel transport van de woning; en
4. [persoon A] te veroordelen in de kosten van dit kort geding.