ECLI:NL:RBROT:2024:2776

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
4 april 2024
Publicatiedatum
4 april 2024
Zaaknummer
10938142 VV EXPL 24-85
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Kort geding
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 254 lid 1 RvArt. 139 RvArt. 556 lid 1 RvArt. 557 RvArt. 237 Rv
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Toewijzing ontruimingsvordering wegens huurachterstand in kort geding

In deze kortgedingprocedure vordert eiseres de ontruiming van een bedrijfsruimte wegens huurachterstand. Gedaagde is niet verschenen, waardoor verstek is verleend. De kantonrechter beoordeelt dat er sprake is van spoedeisend belang en dat de vordering niet onrechtmatig of ongegrond is.

De machtiging om de ontruiming met behulp van de sterke arm uit te voeren wordt afgewezen omdat de deurwaarder deze bevoegdheid ook zonder rechterlijke tussenkomst kan inroepen. De vordering tot het opleggen van een dwangsom wordt afgewezen wegens het ontbreken van belang, aangezien ontruiming via de deurwaarder mogelijk is.

Gedaagde wordt veroordeeld om binnen 14 dagen na betekening de bedrijfsruimte te ontruimen en aan eiseres ter beschikking te stellen. Tevens wordt gedaagde veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, een boete op grond van de algemene voorwaarden, gemaakte kosten en proceskosten. Het vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot ontruiming van de bedrijfsruimte en betaling van huurachterstand, boete en kosten.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10938142 VV EXPL 24-85
datum uitspraak: 27 maart 2024
Vonnis in kort geding van de kantonrechter
in de zaak van
[eiseres] ,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats 1] ,
eiseres,
gemachtigde: mr. L. Boer,
tegen
[gedaagde]h.o.d.n.
[handelsnaam] ,
vestigingsplaats: [vestigingsplaats 2] ,
gedaagde,
die niet is verschenen.
De partijen worden hierna ‘ [eiseres] ’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de dagvaarding van 28 februari 2024 met bijlagen.
1.2.
Op 20 maart 2024 is de zaak tijdens een zitting met [eiseres] en mr. L. Boer besproken. [gedaagde] is niet verschenen. Tegen haar is verstek verleend.

2.De beoordeling

2.1.
Een eis in kort geding kan worden toegewezen als de eisende partij hierbij zoveel spoed heeft dat die de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten (artikel 254 lid 1 Rv Pro). Uit de stellingen van [eiseres] volgt dat deze spoed aanwezig is. De eis wordt toegewezen omdat deze niet onrechtmatig of ongegrond is, tenzij hierna anders blijkt (artikel 139 Rv Pro).
2.2.
De onder I gevorderde machtiging om de ontruiming van de bedrijfsruimte met behulp van de sterke arm te doen uitvoeren worden afgewezen. Op grond van artikel 556 lid 1 en Pro 557 Rv kan de deurwaarder zonder rechterlijke tussenkomst de hulp van de sterke arm inroepen.
2.3.
Bij de onder II gevorderde dwangsom heeft [eiseres] geen belang omdat zij met behulp van de deurwaarder het gehuurde kan doen ontruimen, zoals hiervoor overwogen. De vordering tot het opleggen van een dwamgsom zal daarom worden afgewezen.
Proceskosten
2.4.
[gedaagde] moet de proceskosten betalen, omdat zij voor het grootste deel ongelijk krijgt (artikel 237 Rv Pro). De kantonrechter begroot deze kosten aan de kant van [eiseres] op € 138,82 aan dagvaardingskosten, € 130,- aan griffierecht, € 543,- aan salaris voor de gemachtigde en € 135,- aan nakosten. Dat is in totaal € 946,82. Hier kan nog een bedrag bijkomen als dit vonnis wordt betekend. De wettelijke rente wordt toegewezen.
Uitvoerbaarheid bij voorraad
2.5.
Dit vonnis wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard (artikel 233 Rv Pro).

3.De beslissing

De kantonrechter:
3.1.
veroordeelt [gedaagde] om binnen 14 dagen na betekening van dit vonnis de bedrijfsruimte, gelegen aan het adres [adres] ( [postcode] ) in Schiedam te ontruimen met alle personen en zaken die zich daar vanwege [gedaagde] bevinden en de bedrijfsruimte met alle sleutels ter beschikking van [eiseres] te stellen;
3.2.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen:
- € 400,- (exclusief btw) aan voorrijkosten;
- € 12.551,25 aan huurachterstand incl. servicekosten tot en met februari 2024;
- € 1.800,- aan boete op grond van artikel 28.3 algemene voorwaarden;
3.3.
veroordeelt [gedaagde] om aan [eiseres] te betalen € 2.212,69 aan redelijk gemaakte kosten, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 27 maart 2024 tot en met de dag van volledige betaling;
3.4.
veroordeelt [gedaagde] aan [eiseres] te betalen € 2.150,25 met ingang van de maand maart 2024 tot en met de maand waarin de ontruiming plaatsvindt;
3.5.
veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, die aan de kant van [eiseres] worden begroot op € 946,82,vermeerderd met de wettelijke rente zoals bedoeld in artikel 6:119 BW Pro vanaf de vijftiende dag na de datum van dit vonnis tot de dag dat volledig is betaald;
3.6.
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;
3.7.
wijst al het andere af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.B. Smits en in het openbaar uitgesproken.
44485