ECLI:NL:RBROT:2024:281
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen wijziging WIA-uitkering wegens arbeidsongeschiktheid ongegrond verklaard
Eiseres was zorgcoördinator en meldde zich ziek in november 2018. Het UWV kende haar een WIA-uitkering toe met 60,29% arbeidsongeschiktheid. Op verzoek van haar ex-werkgever herbeoordeelde het UWV haar arbeidsongeschiktheid en wijzigde dit naar 69,19% per 5 oktober 2021. Eiseres betwistte deze beoordeling en stelde dat zij meer beperkingen heeft door geheugenproblemen en krachtverlies in de handen.
De rechtbank oordeelt dat het UWV zorgvuldig medisch en arbeidskundig onderzoek heeft verricht, waarbij de verzekeringsarts bezwaar en beroep (B&B) de beperkingen op overtuigende wijze heeft gemotiveerd. Het verschil van inzicht tussen artsen over de diagnose ME/CVS leidt niet tot het aanwijzen van een onafhankelijke deskundige.
De arbeidsdeskundige B&B heeft passend werk geselecteerd dat eiseres kan verrichten, wat leidt tot een arbeidsongeschiktheidspercentage van 69,19%. De rechtbank verklaart het beroep tegen het eerste besluit niet-ontvankelijk en het beroep tegen het gewijzigde besluit ongegrond. Het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep tegen het gewijzigde UWV-besluit wordt ongegrond verklaard en het UWV wordt veroordeeld tot proceskostenvergoeding en griffierecht.