Partijen zijn gescheiden en hebben een woning gezamenlijk gehad die volgens de echtscheidingsbeschikking aan de vrouw zou worden toegedeeld voor €775.000,-, mits zij financiering rondkrijgt en de man wordt ontslagen uit hoofdelijke aansprakelijkheid van de hypotheek. De vrouw heeft een financieringsofferte en wil de woning laten overdragen, maar de man weigert medewerking te verlenen aan de levering en het ondertekenen van hypotheekformulieren.
De vrouw vordert in kort geding dat de man wordt veroordeeld tot onvoorwaardelijke medewerking aan de levering van zijn aandeel in de woning en het ondertekenen van de benodigde documenten, met een dwangsom bij niet-nakoming. De man vordert onder voorwaarden overdracht en een transitieperiode, maar zijn voorwaarden worden grotendeels afgewezen omdat deze niet in de echtscheidingsbeschikking waren opgenomen en onvoldoende onderbouwd zijn.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de man zijn aandeel moet leveren conform de echtscheidingsbeschikking en veroordeelt hem tot medewerking binnen een week na betekening van het vonnis. Tevens moet hij de woning uiterlijk 1 juli 2024 ontruimen, met een dwangsom van €250 per dag bij niet-nakoming, tot een maximum van €25.000. De overige vorderingen van de man worden afgewezen. Proceskosten worden tussen partijen gecompenseerd.