ECLI:NL:RBROT:2024:3299
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- G.C.W. van der Feltz
- Rechtspraak.nl
Beoordeling WOZ-waarde winkel op bedrijventerrein Barendrecht
Eiseres betwist de door de heffingsambtenaar vastgestelde WOZ-waarde van haar winkelpand op een bedrijventerrein in Barendrecht per 1 januari 2021. De heffingsambtenaar had de waarde aanvankelijk vastgesteld op €871.000,- en deze na bezwaar verlaagd naar €767.000,-. De rechtbank heeft het beroep op 30 januari 2024 behandeld en het onderzoek geschorst om verweerder in de gelegenheid te stellen nadere gegevens te overleggen.
Verweerder bracht vervolgens een huurcontract en koopovereenkomsten van vergelijkbare objecten in, waarop eiseres niet inhoudelijk heeft gereageerd ondanks herhaalde verzoeken van de rechtbank. De rechtbank acht de door verweerder gehanteerde huurwaardekapitalisatiemethode en vergelijkingsmethode geschikt en voldoende onderbouwd. De gehanteerde huurwaarde per m², kapitalisatiefactor en leegstandsrisico worden door de rechtbank als redelijk beoordeeld.
De rechtbank concludeert dat verweerder slaagt in zijn bewijslast dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt afgewezen, omdat de termijn nog niet is verstreken. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de WOZ-waarde wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wegens termijnoverschrijding wordt afgewezen.