Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.Tenlastelegging
3.Eis officier van justitie
- bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2 primair en 3 primair ten laste gelegde;
- veroordeling van de verdachte tot een jeugddetentie voor de duur van 210 dagen met aftrek van voorarrest, waarvan 155 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaar met als bijzondere voorwaarden dat de verdachte meewerkt aan dagbesteding bij Urban Skillsz, onderwijs volgt aan het Zadkine Start College of een gelijksoortige opleiding, meewerkt aan behandeling van Fivoor of een soortgelijke instelling, zich houdt aan de aanwijzingen van de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Rotterdam Rijnmond (hierna: JBRR), zich houdt aan een avondklok zolang JBRR dit nodig vindt, zich houdt aan een locatiegebod en locatieverbod, meewerkt aan elektronische monitoring zolang JBRR dit nodig vindt, en zich houdt aan een contactverbod met de medeverdachte [medeverdachte], geboren op [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 2];
- met opdracht aan JBRR tot het houden van toezicht op de naleving van voormelde bijzondere voorwaarden en de verdachte ten behoeve daarvan te begeleiden;
- dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden en het uit te oefenen toezicht;
- veroordeling van de verdachte tot een taakstraf, bestaande uit een werkstraf voor de duur van 60 uren, subsidiair 30 dagen vervangende jeugddetentie, met aftrek van voorarrest;
- opheffing van het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis.
4.Waardering van het bewijs
fin de dichte nabijheid van die woning te plaatsen en aan te steken, waardoor dat explosief tot ontploffing is gebracht en bij het plegen van welk misdrijf hij, verdachte, op tijdstippen in de periode van 10 december 2023 tot en met 12 december 2023 te Rotterdam (telkens) opzettelijk gelegenheid, middelen en/of inlichtingen heeft verschaft door
5.Strafbaarheid feiten
medeplichtigheid aan opzettelijk een ontploffing teweegbrengen, terwijl daarvan gemeen gevaar voor goederen te duchten is;
medeplichtigheid aan opzettelijk en wederrechtelijk een gebouw dat geheel of ten dele aan een ander toebehoort beschadigen;
medeplichtigheid aan bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht en/of zware mishandeling.
6.Strafbaarheid verdachte
7.Motivering straf
de deskundige [naam 2], werkzaam als jeugdreclasseringswerker bij JBRR, het advies van JBRR toegelicht en verklaard dat met de verdachte en zijn moeder regelmatig contact is. Gedacht wordt dat de verdachte meer kan profiteren van behandeling van Fivoor of De Waag, dan van behandeling door Welzijn E25. De verdachte heeft tijd nodig om zich dingen eigen te maken en heeft baat bij een forensisch kader. De moeder van de verdachte zal bij het traject worden betrokken en dat in combinatie met de bijzondere voorwaarden, maakt dat het traject voor de verdachte passend is.
8.Vordering benadeelde partij en schadevergoedingsmaatregel
9.Toepasselijke wettelijke voorschriften
10.Bijlagen
11.Beslissing
voor de duur van 150 (honderdvijftig) dagen;
95 (vijfennegentig) dagen, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten;
werkstrafvoor de duur van
40 (veertig) uren, waarbij de Raad voor de Kinderbescherming dient te bepalen uit welke werkzaamheden de werkstraf dient te bestaan;
20 (twintig) dagen;
€ 22.787,09 (zegge: tweeëntwintigduizend zevenhonderdzevenentachtig euro en negen eurocent), bestaande uit materiële schade, te vermeerderen met de wettelijke rente hierover vanaf 12 december 2023 tot aan de dag der algehele voldoening;
de maatregel tot schadevergoedingop, inhoudende de verplichting aan de staat ten behoeve van de benadeelde partij [benadeelde partij] te betalen
€ 22.787,09(hoofdsom,
zegge: tweeëntwintigduizend zevenhonderdzevenentachtig euro en negen eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 december 2023 tot aan de dag van de algehele voldoening, en bepaalt daarbij de duur van de gijzeling op 0 (nul) dagen;