ECLI:NL:RBROT:2024:3744
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toelating tot wettelijke schuldsaneringsregeling ondanks verkeersboetes
Verzoekster heeft een verzoek ingediend tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvermogen haar schulden te voldoen. De rechtbank constateert dat verzoekster niet langer kan betalen en dat zij te goeder trouw is, ondanks dat verkeersboetes aan het CJIB niet te goeder trouw zijn ontstaan of onbetaald gelaten.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster de omstandigheden die leidden tot de schulden onder controle heeft gekregen, mede door beschermingsbewind en het ontbreken van voertuigen op haar naam. Verzoekster toont een serieuze en saneringsgezinde houding, waardoor zij wordt toegelaten tot de regeling met een looptijd van achttien maanden vanaf 11 april 2024.
Een verzoek tot vervroegde ingangsdatum van tien maanden wordt afgewezen omdat verzoekster niet heeft aangetoond dat zij aan haar sollicitatieplicht heeft voldaan. De rechtbank stelt vast dat zij niet fulltime heeft gewerkt en onvoldoende sollicitaties heeft verricht. Het vonnis is gewezen door rechter B.A. Cnossen en is openbaar uitgesproken op 11 april 2024.
Uitkomst: Verzoekster wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling voor achttien maanden vanaf 11 april 2024, verkorting van de looptijd wordt afgewezen.