In deze civiele procedure vorderde eiser betaling van €10.805,24 van gedaagde Console Bouw B.V. Gedaagde betwistte het bestaan van een overeenkomst. Eiser verzocht vervolgens om doorhaling van de zaak wegens onjuiste eiser, maar gedaagde stemde hiermee niet in. De kantonrechter kon daarom het verzoek tot doorhaling niet honoreren.
Omdat eiser erkende geen vorderingen meer te hebben, hoefde de rechtbank niet inhoudelijk over de eisen te oordelen. De voorwaardelijke tegeneis van gedaagde werd niet behandeld omdat partijen het eens waren over het ontbreken van een juiste eiser.
De rechtbank oordeelde dat eiser de proceskosten moet dragen omdat hij de procedure onterecht was gestart. De proceskosten aan de zijde van gedaagde werden vastgesteld op €0,- omdat zij zonder professionele gemachtigde procedeerde. Het vonnis werd uitgesproken door de kantonrechter van Tongeren.