Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verloop van de procedure
- de moeder met haar advocaat;
- de vader met zijn advocaat;
Rechtbank Rotterdam
De zaak betreft een verzoek van de gecertificeerde instelling William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering tot verlenging van de ondertoezichtstelling van twee minderjarige kinderen. De kinderen wonen beurtelings bij de moeder en vader, die gezamenlijk het ouderlijk gezag hebben. De eerdere ondertoezichtstelling liep tot 27 maart 2024.
De GI stelt dat de doelen van de ondertoezichtstelling deels zijn behaald, maar dat verdere ondersteuning noodzakelijk is. De jongste minderjarige vertoont zorgelijk gedrag en is aangemeld bij de GGZ. Er wordt gewerkt aan een warme overdracht naar het vrijwillig kader via het Wijkteam. De communicatie tussen de ouders blijft ernstig verstoord, wat de ontwikkeling van de kinderen belemmert. De GI wil ook urinecontroles bij de vader inzetten vanwege vermoedens van verslaving.
De moeder onderschrijft het verzoek en pleit voor een verlenging van een jaar, benadrukkend dat de kinderen onvoldoende rust ervaren. De vader stemt in met verlenging en wenst duidelijke afspraken over co-ouderschap en mediation. De kinderrechter oordeelt dat aan de wettelijke criteria is voldaan en dat de ondertoezichtstelling noodzakelijk blijft vanwege de bedreigde ontwikkeling van de kinderen en de verstoorde communicatie tussen ouders.
De ondertoezichtstelling wordt verlengd tot 27 september 2024, met uitvoerbaarverklaring bij voorraad. Het doel is om het gezin in de komende periode over te dragen aan het vrijwillig kader, mits de communicatie en omgangsregeling verbeterd zijn.
Uitkomst: De ondertoezichtstelling van de minderjarige kinderen wordt verlengd tot 27 september 2024.