Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 20 maart 2024, met bijlagen;
- het antwoord, met bijlagen;
- het e-mailbericht van [eiser] van 26 maart 2024, met productie 21.
Rechtbank Rotterdam
Werknemer werkt sinds 2007 bij Aviapartners en heeft voor zijn werkzaamheden een geldige Rotterdam The Hague Airport pas (RTHA-pas) nodig. Toen zijn pas op 11 januari 2024 verliep en het Badge Center nog geen nieuwe pas had verstrekt, stelde Aviapartners hem op non-actief en stopte de loondoorbetaling.
Werknemer had de verlenging van zijn pas tijdig aangevraagd en het veiligheidsonderzoek door de AIVD duurde langer dan gebruikelijk zonder dat hem een verwijt kon worden gemaakt. De kantonrechter oordeelt dat het niet verrichten van arbeid in deze situatie niet voor rekening van de werknemer behoort te komen, omdat partijen afhankelijk zijn van derden voor de pasverstrekking.
De werkgever wordt veroordeeld om het achterstallige loon over januari en februari 2024, een incorrecte inhouding over december 2023, de wettelijke rente en een gematigde wettelijke verhoging van 10% te betalen. Toekomstig loon wordt afgewezen. De proceskosten komen voor rekening van Aviapartners. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Aviapartners wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon en wettelijke rente wegens onterecht stopzetten loondoorbetaling.