ECLI:NL:RBROT:2024:4187
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.J.J. Wetzels
- J. van den Bos
- M.G.L. de Vette
- Rechtspraak.nl
Toewijzing verzoek rechter tot verschoning wegens schijn van partijdigheid in handelszaak
In een handelszaak tussen Infinitascare B.V. en een eiser is een verzoek tot faillietverklaring van Infinitascare B.V. aanhangig. De rechter die de faillissementszaak zou behandelen, is ook betrokken bij een civiele procedure waarin Infinitascare B.V. partij is. De rechter heeft daarom een schriftelijk verzoek tot verschoning ingediend omdat hij vreest dat er een schijn van partijdigheid kan ontstaan.
De rechtbank beoordeelt dat hoewel er geen aanwijzingen zijn dat de rechter subjectief niet onpartijdig is, de situatie objectief gezien een zwaarwegende aanwijzing vormt voor het ontstaan van een schijn van partijdigheid. Dit is mede gebaseerd op het feit dat de rechter zelf het verzoek tot verschoning heeft ingediend.
Op grond hiervan wijst de rechtbank het verzoek tot verschoning toe om de onpartijdigheid van de rechterlijke behandeling te waarborgen. De beslissing is genomen door een meervoudige kamer van de rechtbank Rotterdam en ondertekend door drie rechters.
Uitkomst: Het verzoek tot verschoning van de rechter wordt toegewezen vanwege een objectief gerechtvaardigde schijn van partijdigheid.