ECLI:NL:RBROT:2024:4290
Rechtbank Rotterdam
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor toekenning aangepaste buggy aan meisje met Downsyndroom
Verzoekster, een meisje van 10 jaar met het syndroom van Down en een ontwikkelingsleeftijd tussen 18 en 36 maanden, heeft een aanvraag gedaan voor een aangepaste buggy op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo).
Het college van burgemeester en wethouders van Rotterdam heeft op 6 december 2023 de toekenning van een handbewogen rolstoel (buggy) met terugwerkende kracht per 11 mei 2021 ingetrokken omdat verzoekster geen gebruik had gemaakt van de eerder toegekende buggy. Tevens werd op 13 december 2023 de aanvraag voor een nieuwe aangepaste buggy afgewezen omdat verzoekster zich met een eerder toegekende driewielfiets kan voortbewegen.
Verzoekster heeft bezwaar gemaakt en een voorlopige voorziening gevraagd, maar de voorzieningenrechter oordeelde dat er geen spoedeisend belang is. Dit omdat verzoekster de buggy niet heeft gebruikt en zich inmiddels met de driewielfiets kan verplaatsen, die bovendien is uitgerust met een beugel om haar te kunnen afremmen.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af, waardoor het college de weigering van de aangepaste buggy kan handhaven. Er is geen aanleiding voor vergoeding van griffierecht of proceskosten.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening voor toekenning van een aangepaste buggy wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.