De officier van justitie verzocht op 3 mei 2024 om voortzetting van een crisismaatregel voor betrokkene, die verblijft in een zorginstelling te Capelle aan den IJssel. De rechtbank hield op 6 mei 2024 een mondelinge behandeling waarbij betrokkene, zijn advocaat en de behandelaar aanwezig waren. De officier verscheen niet.
Uit medische verklaringen en de mondelinge behandeling bleek dat betrokkene ernstig levensgevaar loopt door overmatige lichaamsactiviteit, brandgevaar en zelfbeschadiging, veroorzaakt door een recidief psychose met maniforme kenmerken binnen een schizofreniespectrumstoornis. De crisissituatie is zo ernstig dat een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank achtte verplichte zorg noodzakelijk, waaronder medicatietoediening, bewegingsbeperking, insluiting, toezicht en opname in een accommodatie, en nam ambulante zorg op in de maatregelen. Andere door de officier gevraagde zorgvormen werden niet noodzakelijk geacht. Betrokkene vertoont geen ziektebesef en verzet zich vermoedelijk tegen zorg. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven.
De rechtbank concludeerde dat de verplichte zorg evenredig en effectief is en verleende een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor drie weken, tot en met 27 mei 2024. Tegen deze beschikking staat cassatie open.