Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
- mevrouw [naam vrouw] , voornoemd;
- mr. M. Czarnota, voornoemd;
- mevrouw K. Dsikorska, tolk 23471 voor mevrouw [naam vrouw] ;
- de heer [naam man] , voornoemd;
- mr. D. Abd Rabou, voornoemd;
- mevrouw M.J. van Burken-Laskowska, tolk 19795 voor de heer [naam man] .
1.De procedure
- de dagvaarding van 7 december 2016. (De advocaat van mevrouw bevestigt desgevraagd dat dit een verschrijving is en dat 2023 is bedoeld),
- de conclusie van antwoord,
- de oproepingsbrief van de rechtbank van 18 maart 2024 waarbij partijen zijn opgeroepen voor de mondelinge behandeling van 14 mei 2024,
- het bericht van de rechtbank van 5 april 2024 met daarin een zittingsagenda voor de mondelinge behandeling en het verzoek aan de vrouw om de ontbrekende productie-1 in het geding te brengen,
- de akte indiening productie-1 van de vrouw,
- de mondelinge behandeling van 14 mei 2024.