ECLI:NL:RBROT:2024:487
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek WIA-besluiten wegens ontbreken nieuwe feiten of toename arbeidsongeschiktheid
Eiseres, voormalig thuiszorgmedewerkster, verzocht het UWV om herziening van eerdere WIA-besluiten uit 2011 en 2012 waarin werd vastgesteld dat zij niet arbeidsongeschikt genoeg was voor een uitkering. Het UWV wees dit verzoek af, waarna eiseres bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat er geen sprake is van nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die een herziening rechtvaardigen, zoals vereist op grond van artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De medische informatie bevestigt bestaande beperkingen, maar toont geen wezenlijke toename van de arbeidsongeschiktheid binnen de relevante periode tot 2016.
De verzekeringsarts concludeerde dat de klachten en beperkingen sinds de eerdere besluiten niet substantieel zijn veranderd en dat de psychische klachten reeds in eerdere beoordelingen waren meegewogen. De rechtbank volgt deze conclusie en acht het beroep ongegrond. Eiseres krijgt geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht wordt niet teruggegeven.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het herzieningsverzoek WIA-besluiten wordt ongegrond verklaard wegens het ontbreken van nieuwe feiten of toename van arbeidsongeschiktheid.