ECLI:NL:RBROT:2024:4958

Rechtbank Rotterdam

Datum uitspraak
17 mei 2024
Publicatiedatum
29 mei 2024
Zaaknummer
10844818
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 103 RvArt. 108 lid 1 RvArt. 108 lid 2 RvArt. 110 lid 2 RvArt. 74 lid 1 Rv
Verwijzingen
3 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verwijzing huurzaak naar bevoegde kantonrechter in ’s Hertogenbosch

In deze civiele procedure betreffende een huurgeschil over een woning gelegen in Uden, heeft de kantonrechter te Rotterdam zich onbevoegd verklaard om de zaak te behandelen. Partijen hadden geen bevoegdheidsafspraak gemaakt om de kantonrechter te Rotterdam bevoegd te verklaren.

De zaak is daarom verwezen naar de rechtbank Oost Brabant, locatie ’s Hertogenbosch, waar de kantonrechter bevoegd is. De verwijzing volgt uit de toepasselijke wettelijke bepalingen in het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, die bepalen dat in huurzaken de rechter bevoegd is binnen wiens rechtsgebied de woning ligt.

De kantonrechter heeft verder geen inhoudelijke beoordeling gegeven van de processtukken of de vorderingen van partijen, omdat de onbevoegdheid en verwijzing centraal stonden. De procedurele zitting van 15 mei 2024 is daarom niet doorgegaan. Het vonnis is in het openbaar uitgesproken door rechter A. Lablans.

Uitkomst: De kantonrechter te Rotterdam verklaart zich onbevoegd en verwijst de zaak naar de kantonrechter te ’s Hertogenbosch.

Uitspraak

RECHTBANK ROTTERDAM

locatie Rotterdam
zaaknummer: 10844818 CV EXPL 23-33249
datum uitspraak: 17 mei 2024
Vonnis van de kantonrechter
in de zaak van

1.[eiser 1],

2. [eiser 2],
beiden wonende te [woonplaats],
eisers in conventie,
verweerders in (voorwaardelijke) reconventie,
gemachtigde: mr. A.H. Videler,
tegen

1.[gedaagde 1],

2. [gedaagde 2],
beiden gevestigd te [vestigingsplaats],
gedaagden in conventie,
eiseressen in (voorwaardelijke) reconventie,
gemachtigde: mr. M.A.C. Backx.
De partijen worden hierna ‘[eiser 1] en [eiser 2]’ en ‘[gedaagde 1] en [gedaagde 2]’ genoemd.

1.De procedure

1.1.
Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:
  • de dagvaarding van 11 december 2023, met bijlagen 1 tot en met 18;
  • het antwoord en eis in reconventie (tegeneis), met bijlagen 1 tot en met 5;
  • de mail van 2 februari 2024 met de akte van [eiser 1] en [eiser 2];
  • de mail van 6 februari 2024 met de akte van [gedaagde 1] en [gedaagde 2];
  • het antwoord in reconventie tevens eiswijziging, met bijlagen 18 tot en met 20.
1.2.
Partijen zijn uitgenodigd voor een zitting op 15 mei 2024. Deze is niet doorgegaan. Hierna wordt uitgelegd waarom.

2.De beoordeling

Kantonrechter te Rotterdam niet bevoegd

2.1.
De kantonrechter te Rotterdam is niet bevoegd om deze zaak te behandelen. Het geschil betreft namelijk de huurwoning van [eiser 1] en [eiser 2] in [woonplaats]. Uit de wet volgt dat in dit soort zaken uitsluitend bevoegd is de rechter binnen wiens rechtsgebied de woning gelegen is (art. 103 Rv Pro).
2.2.
Het was mogelijk geweest om de kantonrechter te Rotterdam bevoegd te maken (art. 108 lid 1 en Pro 2 Rv), maar partijen hebben laten weten niet een daartoe strekkende overeenkomst te hebben gesloten. Gevraagd is om de zitting op 15 mei niet te laten doorgaan en de zaak te verwijzen naar de wel bevoegde rechter.
Verwijzing naar de kantonrechter te ’s Hertogenbosch
2.3.
Omdat de huurwoning in Uden ligt is de kantonrechter te ’s Hertogenbosch bevoegd. Daarom wordt de zaak verwezen naar de rechtbank Oost Brabant, locatie
’s Hertogenbosch, om daar door de kantonrechter te worden behandeld. In art. 110 lid 2 Rv Pro is bepaald dat artikel 74, eerste lid en derde lid, eerste zin, Rv van toepassing zijn. Dat betekent dat de zaak bij de kantonrechter in ’s-Hertogenbosch begint met een oproeping bij exploot.
2.4
De (consequenties van de) aktes van partijen worden gelet op het voorgaande niet beoordeeld.

3.De beslissing

De kantonrechter:
verklaart zich onbevoegd in deze zaak;
verwijst de zaak naar de rechtbank Oost Brabant, locatie ’s Hertogenbosch, voor behandeling door de kantonrechter daar.
Dit vonnis is gewezen door mr. A. Lablans en in het openbaar uitgesproken.
465