ECLI:NL:RBROT:2024:5232
Rechtbank Rotterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling WOZ-waarde woning te Schiedam
Eiseres betwistte de vastgestelde WOZ-waarde van haar woning te Schiedam, stellende dat de waarde te hoog was vastgesteld op €295.000 en dat de waarde niet hoger kon zijn dan €285.000. Zij voerde aan dat de gebruikte vergelijkingsobjecten niet representatief waren vanwege verschillen in onderhoud, aantal kamers en terrasgrootte, en dat de VvE financieel en onderhoudstechnisch problematisch was.
De heffingsambtenaar onderbouwde de vaststelling met een taxatierapport inclusief fotorapportage en een matrix met vergelijkingsobjecten, waarbij rekening was gehouden met relevante kenmerken zoals bouwjaar, buurt en oppervlakte. De rechtbank oordeelde dat de gebruikte vergelijkingsmethode en objecten voldoende vergelijkbaar waren en dat de waardering conform de Wet WOZ correct was uitgevoerd.
De rechtbank stelde vast dat de verkoopprijzen van vergelijkbare woningen rond de waardepeildatum 1 januari 2022 zijn gebruikt en dat eventuele achterstallige onderhoudskosten en VvE-kwesties reeds in de marktprijzen waren verwerkt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard, met als gevolg dat eiseres geen griffierecht of proceskostenvergoeding ontvangt.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €295.000 wordt ongegrond verklaard.