Uitspraak
Rechtbank Rotterdam
1.De procedure
- verzoekster;
- de heer P.A. Krul, werkzaam bij De Tweesprong Financial Services (hierna: beschermingsbewindvoerder);
- de heer J.R. van Vuuren, werkzaam bij Stroomopwaarts (hierna: schuldhulpverlener).
Rechtbank Rotterdam
Verzoekster heeft een verzoek ingediend op grond van artikel 287a Faillissementswet om een schuldeiser te dwingen in te stemmen met een aangeboden schuldregeling, omdat deze schuldeiser weigert mee te werken. De schuldregeling voorziet in een betaling van 9,51% aan preferente en 4,76% aan concurrente schuldeisers, gefinancierd door een saneringskrediet, met een looptijd van 36 maanden.
De schuldeiser betwist het aanbod en stelt dat verzoekster mogelijk een hogere uitkering kan bieden in de toekomst, maar heeft haar standpunt niet nader toegelicht tijdens de zitting. De rechtbank stelt vast dat een ruime meerderheid van schuldeisers instemt met het akkoord en dat het voorstel deskundig is getoetst en goed gedocumenteerd.
De rechtbank oordeelt dat verzoekster niet over betaald werk beschikt en dat haar toekomstige inkomsten niet hoger zullen zijn dan haar huidige Participatiewet-uitkering. De aangeboden regeling levert een gunstiger resultaat op voor schuldeisers dan de wettelijke schuldsaneringsregeling, die korter duurt en hogere kosten met zich meebrengt.
De belangen van verzoekster en de meerderheid van schuldeisers wegen zwaarder dan het belang van de weigeraar. Daarom wordt het dwangakkoord toegewezen en het verzoek tot schuldsaneringsregeling afgewezen. De schuldeiser wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil worden begroot omdat er geen griffierecht is en verzoekster niet door een advocaat is bijgestaan.
Uitkomst: De rechtbank beveelt de schuldeiser mee te werken aan het dwangakkoord en wijst het verzoek tot schuldsaneringsregeling af.