De huurder huurt sinds maart 2019 een woning van Stichting Havensteder en heeft een huurachterstand opgebouwd van €11.742,81. De verhuurder vordert betaling van deze achterstand en ontbinding van de huurovereenkomst. De kantonrechter oordeelt dat de achterstand ernstig genoeg is om de overeenkomst te ontbinden, mede omdat de huurachterstand ruim 18 maanden bedraagt en tijdens de procedure is opgelopen.
Persoonlijke en financiële omstandigheden van de huurder wegen niet op tegen de ernst van de achterstand. Hoewel Havensteder de huurder kort na een vroegsignaleringprocedure dagvaardde, acht de rechter het niet aannemelijk dat langer wachten de achterstand had kunnen voorkomen. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de huurachterstand, wettelijke rente, en een gebruiksvergoeding tot aan de ontruiming.
De huurder moet de woning binnen vijf weken na het vonnis ontruimen. Incassokosten worden afgewezen wegens betwisting van ontvangst aanmaningsbrief door de huurder en onvoldoende bewijs van ontvangst door Havensteder. De proceskosten worden aan de huurder opgelegd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.