In deze kort geding procedure vordert eiser inzage in stukken die InterBurgo Europe onder zich heeft, ter voorbereiding op een bodemprocedure waarin eiser aansprakelijk wordt gesteld voor onbehoorlijk bestuur en schadevergoeding. De voorzieningenrechter beoordeelt de vordering op grond van artikel 843a Rv.
De vordering tot verstrekking van een overzicht van het cliëntenbestand wordt afgewezen omdat niet aannemelijk is dat een dergelijk overzicht reeds bestaat en artikel 843a Rv niet vereist dat stukken eerst worden opgesteld. De vordering tot verstrekking van correspondentie wordt deels toegewezen, namelijk voor correspondentie tussen 2005 en 2017 met specifieke personen en waarin de trefwoorden "K-Mart" en/of "Ocean Bleu" voorkomen of waarin over "K-Mart in Frankrijk" is gecorrespondeerd.
De voorzieningenrechter legt een dwangsom op van €10.000 per dag met een maximum van €500.000 om naleving te waarborgen en verklaart het vonnis uitvoerbaar bij voorraad. De proceskosten worden gecompenseerd. De overige vorderingen worden afgewezen wegens onvoldoende specificatie, te ruime en vage omschrijvingen en gebrek aan spoedeisend belang.