Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.De procedure
- de dagvaarding van 7 maart 2024, met 16 bijlagen;
- het antwoord.
2.De beoordeling
normaalgesproken wij geen garantie kunnen geven op het werken van hout.
Rechtbank Rotterdam
Eisers hebben een hovenier opdracht gegeven hun tuin te renoveren en betaalden hiervoor € 11.707,45. Zij stelden dat het werk gebreken vertoonde en lieten herstelwerkzaamheden uitvoeren door een derde voor € 5.236,87, waarvan zij vergoeding vorderden van gedaagde. Gedaagde verweerde zich met het argument dat hem geen redelijke kans was geboden om de gebreken te herstellen.
De kantonrechter stelde vast dat eisers gedaagde weliswaar schriftelijk in gebreke hadden gesteld en een termijn van vier weken hadden gegeven om herstel uit te voeren, maar dat eisers vervolgens het herstel hebben verhinderd door het voorstel van gedaagde om op locatie te komen af te wijzen. Hierdoor was gedaagde niet in verzuim geraakt volgens artikel 6:61 lid 2 BW Pro (schuldeisersverzuim).
De rechtbank oordeelde dat gedaagde bereid was de gebreken te herstellen, ook al erkende hij dat sommige problemen inherent zijn aan het gebruikte materiaal. Eisers hadden gedaagde moeten toelaten de gebreken te beoordelen en herstel uit te voeren binnen de gestelde termijn. Omdat zij dit niet deden, werd de vordering tot vervangende schadevergoeding afgewezen.
Daarnaast werden eisers veroordeeld tot betaling van de proceskosten van € 813,00 met wettelijke rente, en werd het vonnis uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De vordering tot vervangende schadevergoeding wordt afgewezen wegens schuldeisersverzuim; eisers moeten proceskosten betalen.