De rechtbank Rotterdam heeft op 15 juli 2024 uitspraak gedaan in een zaak tegen een verdachte die werd verdacht van witwassen van een aanzienlijk contant geldbedrag van €250.005,-. De verdachte werd op 21 maart 2024 staande gehouden nadat hij werd gevolgd door verbalisanten die een verdachte situatie constateerden. Tijdens de controle gaf de verdachte toestemming om zijn rugzak te doorzoeken.
De verdediging voerde aan dat er sprake was van een vormverzuim omdat de cautie niet was gegeven en dat de toestemming om de tas te doorzoeken niet rechtsgeldig was. De rechtbank oordeelde echter dat de vraag wat er in de tas zat geen inbreuk maakte op het recht om te zwijgen en dat de verklaring 'You can look' als geldige toestemming kon worden beschouwd. Het bewijs werd daarom als wettig en overtuigend beoordeeld.
De rechtbank stelde vast dat de verdachte het ten laste gelegde feit van witwassen had begaan en dat er geen omstandigheden waren die de strafbaarheid uitsloten. Gezien de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, waaronder het ontbreken van een strafblad, werd een gevangenisstraf van 6 maanden opgelegd zonder voorwaardelijk strafdeel. De tijd in voorlopige hechtenis wordt in mindering gebracht.