Uitspraak
RECHTBANK ROTTERDAM
1.Het verzoek
2.De beoordeling
r.o. 4.15 tot en met r.o. 4.17 en 4.28
Thuiszorg/ Plum),is er, indien verzuimd is in het dictum aan te geven of de veroordeling tot betaling een bruto dan wel nettobedrag omvat, geen sprake van een kennelijke rekenfout of schrijffout of andere kennelijke fout in de zin van art. 31 Rv Pro.
anderehelft, die onder de uitsluitingsclausule valt, gebruikt als koopsom voor een lijfrente met periodieke uitkeringen. Nu de rechtbank dit heeft overwogen in r.o. 4.17 (en in r.o. 4.28) van het vonnis en op die wijze heeft beslist, is er evenmin sprake van verzuim. Ook een aanvulling in de zin van art. 32 Rv Pro. wordt daarom geweigerd.