Verzoekers hebben een schuldregeling aangeboden aan veertien schuldeisers, waarbij een percentage van 5,86% aan preferente en 2,86% aan concurrente schuldeisers wordt betaald. Dertien schuldeisers stemden in, maar Koedam auto’s B.V. weigerde instemming met haar vordering van €2.938,92, zijnde 6,76% van de totale schuldenlast.
De rechtbank oordeelt dat Koedam in redelijkheid niet tot weigering van instemming met de schuldregeling heeft kunnen komen, gezien het geringe aandeel van haar vordering, de instemming van de meerderheid van schuldeisers en de toetsing door een onafhankelijke partij, de Kredietbank Rotterdam. De regeling is goed gedocumenteerd en het maximale haalbare voor schuldeisers.
De rechtbank beveelt Koedam daarom om in te stemmen met de schuldregeling en wijst het subsidiaire verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling af. Koedam wordt veroordeeld in de proceskosten, die nihil zijn begroot. Het vonnis treedt in de plaats van vrijwillige instemming en is uitvoerbaar bij voorraad.