Eiser en Gro-up zijn een overeenkomst van opdracht aangegaan waarbij eiser als interim-directeur werkzaamheden verrichtte op een school in Rotterdam. Na een jaar beëindigde eiser zijn werkzaamheden en stuurde een factuur voor januari 2023, die Gro-up niet betaalde. Gro-up stelde dat eiser tekortgeschoten was in zijn nakoming, dat hij taken buiten zijn opdracht verrichtte en dat daardoor de factuur niet betaald hoefde te worden.
De kantonrechter stelde vast dat partijen geen concreet eindresultaat hadden afgesproken, waardoor sprake was van een inspanningsverbintenis. De negatieve rapporten over de onderwijskwaliteit konden niet zonder meer aan eiser worden toegerekend. Ook het vermeende plaatsen van een vlog en interview door eiser werd niet bewezen of niet als buiten de opdracht vallend aangemerkt. De kantonrechter oordeelde dat eiser niet tekortgeschoten was en dat Gro-up geen opschorting of ontbinding kon inroepen.
Gro-up had onvoldoende onderbouwd dat sprake was van een onrechtmatige daad. De factuur moest daarom worden betaald, inclusief wettelijke rente en incassokosten. Gro-up werd tevens veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.